Tips van Joost over Montmartre

Wie Montmartre zegt, denkt eigenlijk aan twee plekken: de Sacré-Coeur, de beroemde witte kerk, en het Place de Tertre, waar kunstenaars een tekening van je maken. Het is ook de plek waar de glibberige Raoul werkt, die een nogal mislukte spotprent van mijn vader tekende.

De witte suikertaart, zoals de Sacré-Coeur ook wel eens wordt genoemd, is gebouwd om de ruim 50.000 slachtoffers te herdenken die tijdens de oorlog tegen de Pruisen tussen 1870-1871 vielen. Het bouwen was een lastig karwei  omdat er in de berg  kalkgroeven met lange gangen en diepe putten zaten, die eerst gedicht moesten worden. Pas in 1919 kon de kerk worden ingewijd.  Vanaf het plein voor de kerk heb je een prachtig uitzicht over Parijs, ook 's avonds. 

 

Ben je sportief, neem dan de 220 treden om boven bij de Sacré-Coeur te komen. Anders is er de funiculaire, een bijzondere variant van de metro  aan de zijkant van het park, die al meer dan honderd jaar bestaat. Dat kost je wel een metrokaartje.

Als je boven bent, kun je genieten van een van de vele artiesten...

 

Wil je een portret van jezelf laten maken, loop dan even door naar Place de Tertre. Het aandeel tekenaars op dit plein neemt steeds verder af, en de ruimte die de terrassen innemen, groeit. Ook al kun je misschien zelf heel goed tekenen, je mag niet zomaar je diensten aanbieden op dit plein. De selectieprocedure is nog moeilijk dan die van The Voice. Je moet aan een kunstacademie zijn  afgestudeerd, foto's van je werk laten zien, en er een goed verhaal over kunnen vertellen. Ben je door deze ronde, dan mag je een aantal dagen proefdraaien op het plein, en volgt een tweede selectieronde. Zo’n strenge procedure geldt overigens ook voor alle muzikanten die in de metro willen spelen.

 

Mijn favoriete café op Place du Tertre is overigens Le Sabot Rouge. De wandbeschilderingen zijn erg grappig. Maar er is op dit plein keuze genoeg om even uit te puffen van je klimpartij.