Dit nutteloze en monsterlijke karkas, klaar om gevuld te worden met bakstenen, werpt zijn schaduw als een inktvlek op de Franse kunst en geschiedenis, en vernedert en verplettert al onze monumenten. Echt! We hebben het over de Eiffeltoren die in 1889 niet bepaald positief werd ontvangen door de kunstenaars en intellectuelen van Parijs. Tegenwoordig denken we daar heel anders over. Met zeven miljoen bezoekers per jaar vergt een bezoekje aan de Eiffeltoren wel een goede voorbereiding.
Iedereen die Parijs bezoekt, wil er toch minstens één keertje op. De IJzeren Dame wordt vaak beschreven in cijfers: 324 meter hoog (van oorsprong 1000 voet), 1710 traptreden, 2,5 miljoen klinknagels en 7 miljoen bezoekers per jaar. Vooral dat laatste getal is voor elke bezoeker belangrijk, want er zijn vooral in de zomermaanden lange wachtrijen. Om die te vermijden kun je beter van tevoren kaartjes reserveren. Eenmaal boven is het allemaal de moeite waard, want bij helder weer kun je tot 85 kilometer ver kijken.
Ga je de toren beklimmen (de meeste mensen nemen de lift), dan heb je wellicht iets aan de volgende tips:
Wil je de wachtrijen mijden, maar toch een goed zicht hebben op de toren om een selfie te maken? Stap dan uit bij metrostation Trocadéro aan de andere kant van de Seine. Wees een echte toerist en koop een Eiffeltorensleutelhanger bij een van de vele verkopers die hun waren op een doek uitgestald hebben.
In Anna’s tijd bestond de Eiffeltoren nog niet, vandaar dat ik er nog iets meer over vertel.
Aanleiding voor de bouw was de Wereldtentoonstelling van 1889 waarmee de Franse republiek de 100-jarige verjaardag van de Franse Revolutie wilde vieren. Om de wereld te laten zien waartoe het revolutionaire Frankrijk in staat was, moest het hoogste gebouw ter wereld worden gebouwd.
Er werd een prijsvraag uitgeschreven die door ingenieur Gustave Eiffel werd gewonnen. De Franse overheid wilde echter niet alle bouwkosten betalen. Eiffel regelde dat hij een deel van de kosten zelf zou betalen op voorwaarde dat de toren niet een half jaar maar twintig jaar zou blijven staan én dat hij zelf de kaartjes voor de toren mocht verkopen.
Erg populair was de Eiffeltoren-in-aanbouw aanvankelijk niet. Beroemde schrijvers en kunstenaars schreven gezamenlijk een boze brief aan de krant om hun beklag te doen over ‘dit nutteloze en monsterlijke karkas, klaar om gevuld te worden met bakstenen, dat zijn schaduw als een inktvlek op de Franse kunst en geschiedenis werpt en al onze monumenten vernedert en verplettert’.
Gustave Eiffel trok zich niet veel van de kritiek aan. In een recordtempo van 21 maanden werd de toren met 18083 geprefabriceerde onderdelen in elkaar gezet. De toren werd al snel een commercieel succes. In de eerste week, toen de liften nog niet eens in gebruik waren, beklommen al 28.922 personen de toren tot de top. De Franse krant Figaro drukte er dagelijks ter plekke een speciale editie af. Bezoekers konden er ansichtkaarten kopen die met een ballon worden verzonden.
Al snel nodigde Gustave Eiffel wetenschappers uit om experimenten te doen op zijn toren. Dat was ook een beetje uit eigen belang, want hij wilde voorkomen dat de toren na twintig jaar, als de vergunning zou verlopen, moest worden afgebroken. Er kwam al snel een meteorologisch station en er werden aerodynamische valexperimenten gedaan. Ook de pendule van Foucault werd hier uitgetest. De belangrijkste ontdekkingen ten behoeve van het voortbestaan van de Eiffeltoren werden gedaan op het terrein van draadloze telegrafie. Daardoor kon in de Eerste Wereldoorlog belangrijke informatie van de Duitsers onderschept worden en werd Mata Hari als spionne ontmaskerd. Tegenwoordig staan er nog steeds 120 antennes op het puntje van de Eiffeltoren, goed voor 45 tv-kanalen en 32 radiostations.